Twee werelden: isolatie- en functiebehoud
Een goed functionerende veiligheidsinrichting en professionele brandbeveiliging zijn in gebouwen waar veel mensen samen komen, zoals in kantoren, ziekenhuizen en stations, van levensbelang. Ook tunnels of krachtcentrales hebben speciale voorzorgsmaatregelen nodig, zodat alles omtrent veiligheid in geval van brand goed functioneert. Laagspanningskabels spelen hierbij een centrale rol.
Brandkabels van Datwyler
De gevolgen van een brand moeten zo klein mogelijk gehouden worden. Elektrische installaties zijn hierbij van groot belang. Daarom zijn alle veiligheidskabels van Datwyler vrij van halogenen, rookarm en moeilijk ontvlambaar. Veiligheidskabels van goede kwaliteit vertonen daarom geringe brandbevordering om de verspreiding van een brand via de kabel tegen te gaan.
Veiligheidskabels moeten naast deze materiaaleisen vooral ook aan de elektrische parameters voldoen. Hiervoor werden twee verschillende normen en testprocedures ontwikkeld.
Het isolatiebehoud (FE / PH) voor kabels
Met de test op isolatiebehoud – meestal overeenkomstig IEC 60331 – wordt onderzocht in welke tijdsduur een mechanisch onbelaste leiding onder inwerking van vlammen een minimaal isolatievermogen behoudt. Als na de test de elektriciteit nog stroomt en er geen kortsluiting heeft plaatsgevonden, heeft de kabel de proef doorstaan en krijgt hij een classificatie.
Let op: Een kabel met alleen een PH- of FE-classificatie is niet automatisch geschikt voor toepassingen waarbij de installatie tijdens brand moet blijven functioneren. Controleer altijd volgens welke norm de kabel én het complete systeem zijn getest.
Functiebehoud (E) voor kabelinstallaties
In tegenstelling tot het isolatiebehoud wordt bij de test op functiebehoud (overeenkomstig DIN 4102-12) niet één afzonderlijk voorwerp getest, maar de kabelinstallatie als geheel. Bij deze test wordt een representatieve keuze uit het hele kabelaanbod samen met de ophangingscomponenten en/of het draagsysteem getest. Daarbij wordt de grootste toegelaten afspanlengte gemonteerd en wordt het draagsysteem maximaal belast. Zoals bij een echte brand bereikt men tijdens de proef extremen, die overeenkomen met de in praktijk voorkomende thermische en mechanische belastingen. Als na 30 minuten de elektriciteit nog stroomt en er geen kortsluiting heeft plaatsgevonden, krijgen de kabel en het draagsysteem samen de classificatie E30. Hetzelfde geldt voor E60 en E90.
Lees hier over in het Functiebehoud Handboek van Datwyler
In Nederland wordt bij functiebehoud veel gekeken naar DIN 4102-12, omdat hierbij de complete kabelinstallatie wordt getest. Hierdoor sluit de test beter aan op de praktijk dan wanneer alleen de kabel afzonderlijk wordt beoordeeld.
Waarom is de testmethode zo belangrijk?
Niet iedere brandwerende kabel biedt dezelfde zekerheid. Veel kabels voldoen aan de internationale IEC 60331- of EN 50200 (PH)-test, waarbij slechts een kort stuk kabel wordt getest. Daarbij wordt geen rekening gehouden met de complete installatie, zoals kabelgoten, beugels en ophangsystemen.
Voor installaties waarbij de werking tijdens een brand essentieel is, is daarom een complete praktijktest belangrijk. Hierbij wordt niet alleen de kabel, maar het volledige kabeldraagsysteem getest onder realistische omstandigheden.
Dus hoe kan je isolatiebehoud en functiebehoud vergelijken?
| Isolatiebehoud | Functiebehoud |
|---|---|
| Kabel wordt getest | Complete installatie wordt getest |
| Alleen kabel | Kabel + bevestiging + goten |
| IEC 60331 / EN 50200 | DIN 4102-12 |
| Geeft geen garantie voor volledige installatie | Wel getest onder praktijkomstandigheden |
| FE / PH | E30, E60, E90 |
Datwyler ondersteunt
Datwyler biedt specifieke conferenties aan en geeft in certificatiecursussen de noodzakelijke ondersteuning mee voor de planning en de correcte installatie van op elkaar afgestemde en gecontroleerde kabelsystemen en –installaties, die in geval van brand een functiebehoud van 30 tot 90 minuten garanderen. Voor meer informatie kun je contact opnemen en help Team Redlink je graag verder.